Posts Tagged with “Tuinieren”

28/07/2014

Cocoonen

Hordes mensen gaan er vrijwillige naar toe, en beschouwen het als vrijetijdsbesteding op paas- of pinksterdagen, sommigen gaan zelfs zover het een ‘dagje uit’ te noemen, maar ik krijg een instant-depressie van woonboulevards en tuincentra. Daarom probeer ik dat soort complexen zoveel mogelijk te mijden.

Toch kon ik niet langer ontkomen aan een bezoek aan zo’n deprimerend tuincentrum. Mijn vriend heeft namelijk, na jarenlang zeuren van mijn kant, er eindelijk mee ingestemd om onze tuin een extreme make-over te geven. Hij gaf zelfs akkoord om de boel vol te storten met beton. Sierbeton noemde de tuinarchitect het goedmoedig. Als tegenprestatie wilde mijn vriend dat de tuin gezelliger gemaakt werd met een tuinset, als dat nog lukte met die overdaad donkergrijs beton.

Vroeger had ik dergelijke verzoeken kunnen afdoen met het excuus dat ik niet kon uitrusten in de tuin. De tuin bestond uit een dichtbegroeid stukje land van zes bij twaalf meter. Er was door de dichte begroeiing helemaal geen plek voor een tuinset. En al was er plaats geweest, ik was er nooit gaan zitten. Staren naar het achterstallig tuinonderhoud is niet mijn idee van relaxen. Doordat onze tuin nu geheel onderhoudsvrij is, stond mijn vriend er op om samen een tuinset te gaan uitzoeken.

Dus stonden we op een zonnige zaterdag in een dichtbevolkt tuincentrum op de tuinmeubelafdeling. Ik had een uitgebreide selectieprocedure uitgedacht om het meest geschikte tuinmeubel te vinden. Eerst begon ik met een inspectie van het uiterlijk van de tuinmeubels. Ik wilde per definitie geen tuinset van wit plastic. Dat vond ik te doorsnee voor onze uitzonderlijke tuin.

Een minimalistische houten tuinbank past prachtig in onze strakke tuin. Na slechts tien minuten proef-zitten voelde ik al een lichte hernia opzetten, en moest ik toegeven dat het onmogelijk was om te loungen op een dergelijk spartaans meubel. Toen ik na het uitproberen van tientallen stoelen tussen de jengelende kinderen bijna aan mijn tuincentrumtax zat, spotte ik het perfecte tuinmeubel.

Het was een appelvormige cocon van gevlochten stengels, met een opening aan de voorkant. Met z’n tweeën konden we er languit in liggen. Zoals het werkt met een extreme make-over, was het tuinmeubel was extreem prijzig. Met deze aankoop kon ik voorkomen dat nog vele zaterdagen doorgebracht werden in die naargeestige tuincentra. In plaats daarvan kon ik voortaan in onze eigen tuin urenlang loungen, of cocoonen, zoals ik het liever noem. Dat comfort is ook veel waard.

30/06/2014

Asfaltvibe

‘Als het mogelijk was dan liet ik mijn tuin asfalteren,’ riep ik regelmatig over onze tuin.

Om voor mij ondoorgrondelijke redenen, wilde mijn vriend een groene tuin, met allerlei planten waarvan hij de benaming helemaal niet kent. Want op het vlak flora en fauna is hij net zo onderontwikkeld als ik. Niet gehinderd door enige kennis van zaken, probeerde hij de beplanting terug te snoeien tot de bedoelde proporties. Totdat hij vorig jaar, eindelijk, de ondraaglijke herhaling van het tuinieren zat raakte. Hij besloot om een heuse tuinman in te huren.

Ik had de hoop op een onderhoudsvrije tuin al bijna opgegeven (soms moet je in een relatie de ander ook eens zijn zin geven), toch leek dit me een geschikt moment om het gevoelige onderwerp nogmaals aan te snijden. Eerst probeerde ik hem voor te rekenen dat we de kosten van het aanleggen van een onderhoudsvrije tuin heel snel terugverdienden door de besparing op onderhoudskosten. Helaas raakte mijn vriend daardoor alleen verder overtuigd van het feit dat ik niet kan rekenen.

Ik had echter nog een troef in handen om hem te overtuigen om de tuin minder groen te maken. Tijdens een van de vele sessies van manisch googelen op onderhoudsvrije tuinen (vooral op momenten dat het onkruid me boven het hoofd groeide) was ik op het concept ‘sierbeton’ gestuit.

Sierbeton, het klinkt nogal tegenstrijdig. Ook ik was niet direct overtuigd. Na het zien van enkele foto’s van strakke, minimalistische tuinen was ik om. Omdat mijn vriend en ik – zoals elk mens dat in een koophuis naar tevredenheid woont – vaak gezamenlijk rondkijken op Funda, weet ik van welke bouwstijl hij houdt. Grote lofts met strakke, haast industriële vloeren van beton. Met dat in mijn achterhoofd, liet ik hem een site zien met foto’s van tuinen met sierbeton. De garantie dat onkruid geen wortel kan schieten op sierbeton, gaf uiteindelijk de doorslag.

Dus stond er vorige week een cementwagen voor ons huis. Onze tuin is volgestort met beton, op enkele toekomstige grasperkjes na. Ik schrok alleen toen het beton was opgedroogd. In plaats van het beloofde donkergrijs, is het beton in onze tuin gitzwart van kleur. De aannemer zegt dat de kleur door het zonlicht nog lichter wordt. Daarover heb ik zo mijn twijfels. Ergens denk ik dat ik door de goden gestraft wordt voor het vernietigen van zoveel natuurschoon, met een toepasselijke asfaltvibe in mijn achtertuin.

18/08/2012

Natuurmonument

Voordat mijn vriend of ik überhaupt hadden nagedacht over samenwonen, was duidelijk dat ik bij hem zou intrekken, zodra het daarvoor geschikte moment zich aandiende. Dit was dan weliswaar nooit overlegd of hardop uitgesproken, maar sommige dingen zijn heel natuurlijk als een van tweeën in Almelo woont.

Andere aspecten van het samenwonen waren minder vanzelfsprekend. Zoals het harmonieus combineren van onze beider stijlen in interieur. Omdat ik toch het meest aan mijn vriend gehecht was en hem graag minder vaak wilde missen, was ik bereid om afscheid te nemen van het gros van mijn meubels. Met enkele erfstukken, schilderijen en mijn goede smaak trok ik bij hem in. Vooraf had ik mijn vriend duidelijk gemaakt dat er wat interieuraanpassingen nodig waren voordat ik me bij hem in huis thuis kon voelen.

Mijn vriend heeft verstand van veel dingen maar van het creëren van een prettige woonomgeving, begrijpt hij niets. Zijn huiskamer was ingericht met twee doorgezakte banken die in een ver verleden donkerrood waren geweest. De strak gestucte witte muren had hij schel uitgelicht met kleine halogeenlampjes, die bevestigd waren aan staalachtige stroomdraden die kriskras onder het plafond waren gespannen. Het had de sfeer van een behandelkamer in een tandartspraktijk. Ik vond dus dat het interieur wat gezelliger mocht worden (anders was ik wel bij mijn tandarts ingetrokken). We kochten nieuwe banken. Er verscheen ergens een hoogpolig vloerkleed op de houten vloer. De ongezellige halogeenlampjes mochten bij ons blijven wonen. Aan de muur hingen we enkele van de door mij meegebrachte schilderijen, zodat er eindelijk iets mee werd uitgelicht dat werkelijk de aandacht verdiende.

Mijn tuin kon ik helaas niet meenemen naar Enschede. Ik had de tuin strak bestraat met grijze stenen, met daaronder een ondoordringbare laag worteldoek. Precies zoals een tuin volgens mij is bedoeld: geheel onbeplant en onderhoudsvrij. Bij mijn vriend is er een diepe achtertuin, met allemaal dicht beplante perken en een kronkelend paadje er doorheen. Ooit aangelegd door de vorige bewoonster. Er bloeit werkelijk in elk jaargetijde wel iets in de tuin. Maar naast enig inzicht in binnenarchitectuur, ontbreekt het mijn vriend ook aan groene vingers. Daardoor is het kronkelpaadje overgroeid met mos. Alle planten zijn verwikkeld in een strijd, op dood en leven, in wie het best kan overwoekeren.

Ik dacht te verhuizen naar een geciviliseerde stad maar heb ineens een natuurmonument in de achtertuin. Ik weet nog niet of ik daar aan kan wennen.