Posts Tagged with “Friesland”

13/02/2015

Achterbuurt

Ik weet niet waar je je bevindt wanneer je dit leest, maar mocht het in noord-Nederland zijn, dan wil ik je vooraf waarschuwen. Want ik ga een maatschappelijke kwestie behandelen die erg belangrijk is, maar door noorderlingen mogelijk als beledigend wordt ervaren.

Ben je er nog?

Goed, ik stel voor om de provincies Groningen, Friesland en Drenthe officieel tot de achterbuurt van Nederland te verklaren. Een beetje eerlijkheid over hoe er over het noorden gedacht wordt, lijkt mij heel verfrissend. Ik bedoel, de gemiddelde tiener in de Kalverstraat vraagt zich al jaren af waarom er mensen middenin een armoedig weiland wonen. Zeker nu met die ongezellige aardbevingen erbij.

Al die goeiige promotiecampagnes om mensen naar het noorden te lokken, dat is weggegooid geld. Waarom zou een weldenkend mens daar naar toe verhuizen? Er is geen werk (getuige de hoge werkeloosheidscijfers). Het landschap is er plat en saai. De inwoners zijn er stug en praten in een onverstaanbaar dialect. Pas na jarenlang inburgeren heb je oppervlakkig contact met je directe buren. Het heeft geen zin om dit als noordeling te gaan ontkennen. Ik ben zelf in Dokkum geboren. En ik weet uit ervaring hoe er in Friesland tegen ‘import’ werd aangekeken. Of kan ik beter ‘weggekeken’ zeggen?

De enige reden die ik kan verzinnen om naar het noorden te trekken, is dat de huizen er goedkoop zijn. En dat komt door alle leegstand. Zelfs jongere noorderlingen voelen zich er niet meer thuis, en trekken weg naar bewoond gebied. Oftewel het is een soort uitgestrekt bejaardenoord, daar in het Noorden. De term ‘drentenieren’ bestaat niet voor niets.

Dus begrijp ik ook niets van alle commotie over de gaswinning. Tuurlijk, is het sneu dat er zoveel woningen beschadigd zijn door de aardschokken. Maar om dan een actiecomité op te richten en de regio tot ‘cultureel erfgoed’ om te dopen, dat vind ik belachelijk. Om die paar vervallen boerderijen maakt niemand zich druk, behalve de 582.161 inwoners van Groningen.

Het is kansloos om dan ter protest in de Tweede Kamer de publieke tribune te bezetten. Een slimme rekenaar weet dat de provincie Groningen bij een gemiddelde verkiezing slechts goed is voor 7 zetels in de Tweede Kamer. Daar raken alleen de politici de SGP of de Partij van de Dieren opgewonden van. De rest van de politieke partijen ziet Groningen gewoon als wingewest. Dat is de keiharde waarheid. Best schokkend, al zijn de meeste noordelingen daaraan allang gewend.

30/11/2014

Eiland

Ik ben een stadsmens. Dat komt doordat ik vanaf mijn vroege jeugd als Fries geïndoctrineerd ben met de gedachte dat steden bijzonder zijn. Friesland telt slechts elf steden. In één daarvan ben ik geboren. In nog twee andere Friese steden heb ik gewoond. Ondanks dat ik Friesland een prachtige provincie vind, zijn die elf steden hun stadsrechten in de tegenwoordige tijd natuurlijk niet meer waard. De dooie boel in die Friese steden, met enkel een verpauperde hoofdstraat met een overdosis aan souvenirwinkeltjes, staat in schril contrast tot de levendigheid van wereldsteden als New York, Berlijn, Parijs of zelfs ons eigen Amsterdam.

Tegenwoordig woon ik in Enschede. Een middelgrote stad met alle voorzieningen die je als mens nodig hebt: een fatsoenlijk centrum om in te winkelen, veel restaurants en cafeetjes, een theater en poppodium, beiden met een gevarieerd programma. Enschede heeft met de Wesselerbrink zelfs een heuse achterbuurt. In de volksmond noemt men die wijk de Wesselerbronx. Ik zie dit als teken van de ontwikkeling van Enschede tot wereldstad in spé.

Gelukkig beschikt Enschede ook een NS-station met een rechtstreekse verbinding naar Schiphol. Want ondanks dat ik Enschede een prettige woonplaats vind, is het als stad niet bruisend genoeg voor mijn innerlijke stadsmens. Sommige mensen vinden een stad als Enschede al te groot en te druk. Om mijn batterij weer op te laden met allerlei nieuwe indrukken, bezoek ik juist jaarlijks een nog grotere wereldstad met een goede vriend.

Dit jaar ging er het mis bij het boeken van onze citytrip. De vluchttijden waren onhandig gepland, hotels waren allemaal volgeboekt of er was nog precies een laatste hotelkamer van postzegelformaat tegen een woekerprijs beschikbaar. Daarom bevond ik me afgelopen weekend ineens op een eiland dat in alle opzichten het tegenovergestelde is van een wereldstad: Schiermonnikoog.

Van mijn wilde plannen kwam weinig tot niets terecht. Uitgebreid shoppen bleek onmogelijk met slechts tien piepkleine winkeltjes. En na het uiterst christelijke tijdstip van elf uur ‘s avonds, was er van enig uitgaansleven al geen sprake meer. Voor dit verstokte stadsmens zat er niets anders op dan te gaan uitwaaien op het strand. Tijdens een ellenlange strandwandeling kwam ik maar één ander mens en ‘n loslopende hond tegen. Toen ik een politieauto met daarop de leus ‘dienstbaar en waakzaam’ zag, vond ik dat gewoon geloofwaardig en kwamen er geeneens cynische gedachten bij me op. Ik weet niet wat dit precies betekent, maar ik vermoed dat het iets goeds is.

14/01/2010

Klunen

Iedereen zou van de gemiddelde Fries verwachten dat hij dolenthousiast reageert op iedere hint op nachtvorst van Piet Paulusma. Ik heb daar weinig van meegekregen ondanks dat ik in Friesland geboren en getogen ben. Ik ben namelijk een enorme koukleum. Voor mij zijn een sjaal, een muts en wanten al onmisbare kledingstukken als de temperatuur tien graden boven het vriespunt ligt. Bijkomend nadeel: mijn hoofd is niet geschikt voor het dragen van mutsen. Zodra ik een muts op doe, zie ik er uit als iemand die erg stoer wil overkomen maar bij wie dat niet goed lukt.

Gelukkig ben ik gezegend met een andere belangrijke, onmisbare Friese eigenschap. Ik heb een aangeboren talent voor schaatsen en klunen want voor beiden heb ik een heus diploma. Met schaatsen bedoel ik dan geen sierlijke, driedubbele axel. Ik kan vooral goed mijn evenwicht bewaren en op rechte kanalen ben ik zeer bedreven in het praktische, ouderwetse recht-vooruit-schaatsen. Uit de bocht vliegen kan ik ook erg goed want ik durf in de bochten niet pootje over vanwege de grote valkans. Het schaatsen op natuurijs heeft namelijk als nadeel dat je niet comfortabel in een luchtkussen belandt maar genadeloos met je kanis tegen de stenen kade smakt.

Vroeger woonde ik in de zevende stad op de route van de elfstedentocht. Zodra er een kans was dat de elfstedentocht zou doorgaan, onstond er een soort collectieve ijskoorts. In ieder vrij uurtje werd er geschaatst. ‘s Nachts stonden alle bruggen open zodat het ijs voldoende dik zou worden voor de tocht der tochten. Dan kon je niet zonder kilometers om te rijden van de ene kant naar de andere kant van de stad komen. Wonderlijk dat in een land vol regels, over aanrijdtijden van ambulances en zo, de doorgaande weg met zo’n onzinnige reden mocht worden afgesloten.

Waarschijnlijk zou ik tegenwoordig een dikke onvoldoende scoren op een Fries inburgeringexamen want 1. ik beheers de Friese taal niet meer en 2. ik kan niet één winnaar van de elfstedentocht opnoemen (al weet ik dan weer wèl dat Willem-Alexander ooit heeft deelgenomen onder de schuilnaam W.A. van Buren en ben ik er van op de hoogte dat hij niet gewonnen heeft maar dat levert vast geen punten op).

Gelukkig loop ik door de opwarming van de aarde steeds minder kans om door de mand te vallen met mijn warmteminnende eigenschappen. Komt dat kluundiploma me tenminste goed van pas.