19/05/2011

Jim

Schokkend nieuws: Jim Bakkum is een man geworden! Sorry, ik weet dat ik je overval met deze onthulling. In mijn herinnering was Jim ook nog steeds die slungelachtige jongen die in het eerste seizoen van Idols zich geen raad leek te weten met zijn lengte van een meter tweeënnegentig. Die vijftienjarige puberjongen die nog geen spoortje van baardgroei vertoonde maar ondertussen wèl de baard in zijn keel had. En die er eigenhandig voor zorgde dat half Nederland de laatste helft van 2002 ‘Isn’t She Lovely’ van Stevie Wonder permanent in zijn hoofd had.

Voor het geval je dit nieuws niet gelooft, kijk dan maar in de huidige editie van L’Homo. Daarin staat het bewijs in de vorm van een fotoreportage van Jim met weinig kleren aan. Je kunt daardoor goed zien dat hij inderdaad een volwassen is geworden. Voorzien van brede schouders, gespierde armen en weelderig borsthaar. Kortom, een man waarvan je zonder gêne hardop kunt zeggen dat hij woest aantrekkelijk is (tijdens Idols voelde dat een beetje ongepast).

Jim moet er zelf duidelijk ook aan wennen dat hij werkelijk is opgegroeid. Hij noemt het, helemaal in stijl met het vocabulaire van L’Homo, zijn ‘coming out’. Ten tijde van zijn deelname aan Idols was hij naar eigen zeggen ‘een plank met kleren aan’ van amper 71 kilo. Tegenwoordig sport hij regelmatig en door alle spiergroei is hij flink groter en zwaarder geworden. ‘Dat opgepompte gevoel na een training vind ik heerlijk,’ vertelt Jim. Dat begrijp ik volkomen want van de nieuwe, stoere Jim op de foto’s, krijg ik ook een prettig opgepompt gevoel.

Even lijkt L’Homo te vergeten dat Jim een idool wil zijn voor een meer volwassen publiek. Zelfs Jim’s huidige gewicht van 85 kilo wordt vermeld. Dat soort triviale feitjes vind ik meer geschikt voor het tienerblad Tina. Gelukkig is de obligate vraag over zijn lievelingskleur niet gesteld.

Alsof ik nog niet genoeg te verwerken had, staan in het begeleidende interview nog meer schokkende dingen. Terwijl ik dacht dat Jim’s carrière danig in het slop was geraakt, blijkt hij avond aan avond in uitverkochte zalen musicals op te voeren. En is hij verloofd met zijn vriendin. Allemaal grote mensen dingen.

Vertederd was ik door de bekentenis dat Jim even met Arie Boomsma had gebeld voor tips voor zijn workout. Hij wilde een maand voor de fotoshoot zijn lijf nog wat strakker krijgen. Diep van binnen is er gelukkig toch nog iets van dat lieve, onzekere puberjongetje overgebleven.

28/04/2011

Resort

Voor het geval dat iemand mij op straat ziet lopen en vreest dat ik aan een acute vorm van obesitas lijd, ik kan je gerust stellen, er is niets ernstigs aan de hand. Ik ben inderdaad vijf kilo aangekomen sinds je me twee weken geleden zag. Dat komt doordat ik pas terug ben van een all-inclusive vakantie. Maak je dus vooral geen zorgen. Dat heb ik namelijk ook gedaan in de afgelopen weken, tijdens mijn verblijf op zo’n resort waar alles bij de hand is en je op je wenken bediend wordt. Omdat het mij aan niets ontbrak kon ik geen enkele zinnige reden om me buiten het hotelterrein te begeven.

Helaas was het inpakken vooraf niet zo ontspannend. Thuis had ik zorgvuldig mijn koffer ingepakt met kleding die voor resort-wear moest doorgaan. Dit klinkt makkelijker dan het in werkelijkheid is. Want je kunt natuurlijk niet in een door chloor en zon verbleekte zwembroek van twee jaar geleden op een strandstoel neerploffen. Er zijn tegenwoordig zelfs modeontwerpers die speciale collecties met resort-wear hebben.

Ik wilde voorkomen dat ik de uitstraling had van een tevreden Duitser, die met een over zijn zwembroek puilende bierbuik in zijn zojuist gegraven kuil zit. Ik wilde niet afsteken tussen de zongebruinde mensen, met platte buiken en erg witte tanden, die ik me bij een gemiddeld resort voorstelde. En mijn outfit moest er niet al te gekunsteld uitzien. Dat past niet bij een zorgeloze vakantie. Ik was op zoek naar kledingcombinatie die zowel comfortabel als chic was, in een palet van zomerse kleuren.

Een blik in mijn kledingkast leerde me dat mijn zomerkleren vooral uit verwassen kleuren bestonden. Dus stond ik op de dag voor vertrek nog in de H&M om nieuwe kleren te kopen (mijn portemonnee kan zich helaas geen designerkleding veroorloven). Op mijn bleke huid en onder de tl-verlichting in het pashokje, was het lastig beoordelen welke kleding geschikt was voor een zonvakantie.

Eenmaal op het resort bleek ik er tiptop gekleed bij te liggen. Maar ik vroeg me af wat ik na terugkomst in Nederland met deze kleren ging doen. Ik draag, behalve op het strand, nooit een witte linnen broek of mouwloze hemdjes. In Nederland ga ik echt nooit liggen koukleumen op een overbevolkt strand. Dat probleem loste zichzelf echter op. Na twee weken luieren en overmatig eten, pas ik in bijna geen enkel van de nieuw aangeschafte kledingstukken meer.

04/03/2011

Kringverjaardag

Terwijl je dit leest, zit ik veilig ondergedoken in Parijs met mijn telefoon op stil. Weg van alle verjaardagskaarten en felicitaties-sms’jes. Onbereikbaar voor die ongemakkelijke telefoongesprekken met vage familieleden die slechts één keer per jaar bellen omdat mijn naam nou eenmaal op een vergeelde kalender staat, die bij hen op het toilet hangt. In alle eerlijkheid, ik ben ook een beetje gevlucht om te vergeten dat ik alweer een jaartje ouder wordt. Zelfs na drieëndertig jaar kan ik daar maar niet aan wennen. In mijn hoofd ben ik ergens rond de achttien of negentien jaar blijven steken.

Ik organiseer dit jaar dus geen traditionele kringverjaardag. Daar heb ik namelijk een enorme hekel aan. Dit is heel onaardig van mij, dat weet ik. Ondanks alle goede bedoelingen van iedereen die naar verjaardagspartijtjes komen, vind ik het gewoon géén feestje. De ellende begint al met de voorbereidingen met inkopen doen. Je stouwt je kar overvol met allerlei hapjes en drankjes. Ik heb echt nachtmerries waarin halverwege een feestje opeens de drank op is. Natuurlijk houd ik rekening met de keuze die er is in de hapjes, zodat er voor iedereen iets lekkers op tafel staat. Dus schiet ik altijd behoorlijk uit met mijn pinpas.

Op het feestje zelf ben ik continu druk in de weer, want ik wil iedere aanwezige gesproken hebben. Ik scan manisch de kamer rond om te kijken of iedereen te drinken heeft. Lijkt er iemand zich te vervelen dan maak ik nog even een praatje.

Het meest verschrikkelijke onderdeel van mijn verjaardagspartijtje vind ik de cadeaus. Ik heb al jaren geen echt verlanglijstje meer omdat ik het zelf koop als ik iets graag wil hebben. Ondanks dat ik expliciet in de uitnodiging vermeld dat cadeaus overbodig zijn, brengt iedereen toch iets mee. Dat komt door de volkomen achterhaalde etiquette die voorschrijft dat het onbeleefd is om met lege handen aan te komen. ‘Het is een kleinigheidje hoor,’ zeggen ze er verontschuldigend bij. Daarna veins ik beleefd heel blij te zijn met de zoveelste tube douchegel.

Na zo’n verjaardag blijf ik alleen achter met de overgebleven kaasjes, chips en halve fles Cola Light. Zonde om weg te gooien dus eet je nog dagenlang van de resten van je verjaardag.

Uit beleefdheid ontving iedereen dit jaar weer een uitnodiging voor mijn verjaardag. Locatie: een restaurant in Parijs. Slechts vier goede vrienden zijn op de uitnodiging ingegaan. Het wordt een verjaardagsfeestje naar mijn hart.

20/02/2011

Hit

Eén van mijn primaire levensdoelen heb ik niet gehaald.

Al sinds mijn puberteit had ik me voorgenomen om met de tijd mee te gaan qua muzieksmaak. Begin jaren negentig kon mijn vader niets anders dan mopperen over de herrie die op MTV te horen was. Mijn leven stond in het teken van het integraal mee rappen van ‘Informer’ (van Snow) en ‘Open Ssesame’ (van Leila K). Mijn vader was blijven hangen in de muziek van de jaren zestig en zeventig. Hij had één mildhippe cd: ‘Unplugged’ van Eric Clapton. Die cd was dan weliswaar in 1992 opgenomen maar de liedjes stamden natuurlijk uit de prehistorie. Verder viel hij me constant lastig met flarden ‘echte’ muziek van vroeger. Vermoeiend vond ik dat. Zo’n muziekfossiel zou ik nooit worden. Ik nam me voor dat ik op mijn 65e nog zou kunnen meezingen met de volledige single top 100 van dat moment.

Anno 2011 kan ik concluderen dat er, zoals dat gaat met de meeste goede voornemens, weinig van is terecht gekomen. Ergens halverwege 2002 ging het mis. De hoeveelheid eentonige rapmuziek en duizenden onnavolgbare ad libs in een r&b-liedje van amper 3 minuten, gingen me tegen staan. Ik schakelde de autoradio over van 3FM naar radio 1. Op die frequentie staat de radio nu nog steeds afgestemd. Voor mijn gemoedsrust was dat een wijs besluit. Qua muziekkennis leidde het tot gênante situaties.

In de zomer van 2004 kwam ‘Dragostea din tei’ van O-Zone continu op de Zweedse radio voorbij. ‘Dat wordt bij ons echt nooit een hit,’ verklaarde ik stellig. Daarop werd ik direct uitgelachen door mijn reisgenoten. Wat bleek, O-Zone stond al weken op nummer 1 in Nederland.

Ook raakte ik in de war van aan muziek gerelateerde nieuwsberichten. De talloze berichten over dat ene Justin Bieber zijn haar had afgeknipt, bijvoorbeeld. Pas toen werd me duidelijk dat iedereen door die Bieber met zo’n afzichtelijk matje op hun voorhoofd rondloopt.

Laatst ontdekte ik James Blake op een vaag muziekblog in de diepste krochten van het internet. Na het horen van het liedje ‘Limit to your love’, kocht ik zijn album meteen. De muziek valt te omschrijven als een mash-up van klassiek pianospel met dubstep. Daarmee dacht ik een echte trendsetter te zijn. Aan een vriend vertelde ik over mijn muzikale ontdekking. ‘Dat liedje van James Blake staat gewoon in de top tien hoor,’ merkte hij droogjes op.

Ik ben dus officieel een muziekfossiel.

17/01/2011

Triangel

Persoonlijk ben ik er dolblij mee dat de klassieke muziekstukken van een half uur veel bombarie met trompetgeschal, zijn doorgeëvolueerd in popliedjes van drie en een halve minuut. Of Mozart en Beethoven het zo bedoeld hebben, betwijfel ik maar het komt de herkenbaarheid en meezingbaarheid van de muziek ten goede.

Dat ik geen voorliefde voor de klassieke muziek heb meegekregen dat ligt aan mijn opvoeding. Mijn zussen en ik zijn opgevoed met muziek van Cuby and the Blizzards. Net als Bach is dat hopeloos ouderwets maar rammelende bluesmuziek in steenkolenengels is nauwelijks klassiek te noemen.

Voordat mijn vader alsnog de kinderbescherming op zijn dak krijgt: hij heeft ooit ’n halfslachtige poging gedaan om ons kennis te laten maken met klassieke muziek. Hij deed dat door ons mee te nemen naar een voorstelling van de Phantom of the Opera. Zo’n massaproductiemusical die drie keer daags in het Circustheater in Scheveningen werd opgevoerd. Vermoedelijk leek hem dat opvoedkundig en cultureel wel verantwoord.

Het kaartje voor de musical kregen wij collectief cadeau voor onze veertiende verjaardag.  ‘Een kaartje van een musical met Ben Cramer in de hoofdrol’ stond op geen van onze verlanglijstjes. De echte reden was dat mijn vader zelf graag een volledig orkest live wilde horen spelen. Geheel volgens de gedragsvoorschriften van het puberdom hadden mijn zussen en ik op voorhand al besloten dat wij er niets aan vonden.

Het blijft toch aan je knagen als je zo’n ongevraagd en ongewenst verjaardagscadeau krijgt. Daarom ben ik als volwassene blijven roepen dat klassieke muziek bedoeld is voor mensen die zich te goed voelen voor popmuziek. Je blijft lekker jong door dat soort ongefundeerde en puberale meningen. Dus ik twijfelde sterk toen ik vorig jaar een uitnodiging kreeg om een concert van het Radio Philharmonisch Orkest bij te wonen. Maar mijn nieuwsgierigheid over hoe je zo’n driehoekig roestvrijstalen ding aan een touwtje nou vakkundig bespeelt, won uiteindelijk.

Een maand later zat ik alweer in het concertgebouw. Ik had mijn vader, niet eens uit wraak, een concertkaartje cadeau gegeven voor zijn verjaardag. Het Metropool Orkest speelde filmmuziek van de componist Ennio Morricone uit mijn vader’s favoriete film ‘Once Upon A Time In The West’. Tijdens het concert stonden de tranen in mijn ogen van ontroering. Mijn vader en ik vonden het beiden prachtig.

Als ik nu ook nog van mijn Ben-Cramer-fobie weet af te komen, dan heb ik al mijn jeugdtrauma’s eindelijk verwerkt.

24/12/2010

Gothic

Officieel schijn je kerstmis slechts twee dagen te horen vieren. Daar trekken de meeste mensen zich weinig van aan. Zij hebben de kerstperiode opgerekt tot een volledige maand. Die begint op 6 december, de dag waarop Sky Radio plots verandert in de ‘Christmas Station’ met kersthits van Wham en Mariah Carey op repeat. Buurtbewoners draperen honderden kerstlampjes over de rododendron in de voortuin. En daar mogen wij dan gezellig tegenaan kijken tot en met Driekoningen.

Mijn vriend en ik hebben in december geen tijd om aan kerst te denken. We werken allebei bij een bedrijf waarin het in de laatste maand van het jaar het drukst is. Terwijl heel Holland op 21 december naar de zoveelste herhaling van Home Alone kijkt, werken wij over. Gelukkig worden we ieder jaar uitgenodigd om bij familie 1e kerstdag te komen eten. Voor de maaltijd op de tweede kerstdag rennen we dan op 24 december een geplunderde supermarkt in om wat overgebleven ingrediënten te verzamelen. In de hoop dat er een simpele doch voedzame maaltijd mee gemaakt kan worden. Behalve wanneer we aan het eten zijn, slapen wij op de kerstdagen voornamelijk bij.

Ik kan me niet precies herinneren wie op het onzalige idee is gekomen, maar dit jaar eet de familie bij ons thuis. Daarover maak ik me lichtelijk zorgen want op ons kerstmenu staat een hoofdgerecht met pompoen, kastanjepuree en filodeeg. Op internet lees ik alsmaar epische verhalen over koken met filodeeg, dat erg breekbaar en volkomen onwerkbaar schijnt te zijn. We hebben vooraf geen tijd om het uit te proberen dus het wordt een letterlijke beproeving. Maar het is gelukt om alle ingrediënten tijdig in huis te halen. ‘Qua voorbereiding gaat het dus best goed,’ dacht ik.

Tot ik me vandaag bedacht dat we helemaal geen kerstboom hebben. Voor onszelf zetten we nooit een boom op, dus op zolder ligt geen doos met een voorraad kerstballen, slingers en lampjes. Een kerstdiner zonder versierde boom is vond ik toch wat karig. Daarom kocht ik vandaag in een uitgestorven Intratuin de allerlaatste kerstboom die ze hadden. Het is een kunstboom met zwarte dennentakken. Ik kocht ook nog enkele paarse kerstballen en zilveren slingers. Plus wat witte LED kerstlampjes. Het eindresultaat valt te omschrijven als een soort gothic kerstboom. Ik kan me geen enkel interieurblad herinneren waarin dat ooit een trend was voor de kerstversiering.

Als het eten straks zwartgeblakerd op tafel staat, hebben we een bijpassende kerstboom.