23/09/2011 Verlangen


Zelfs mij, een over het algemeen goeiig linksige kiezer, had Mark Rutte helemaal ingepakt met zijn verschijning. Een slanke man altijd in een goed zittend pak en dito kapsel. Zijn handen moeten de mooiste uit de hele parlementaire geschiedenis zijn. Mark beschikt over prachtige pianohanden met van die lange, haast sensuele vingers. Een premier met een jongensachtige bravoure. Die plezier met werk combineert, door een van Nederlands grootste exportproducten (dancemuziek) te promoten door al dansend op schimmige YouTube-filmpjes te verschijnen. En zijn guitige lach was precies wat Nederland nodig had in deze barre tijden van crisis. Een hele verademing na acht jaar met Balkenende, bij wie het altijd afstandelijk en stijfjes bleef.

Maar na het veel besproken debat van gisteren begint bij mij een Rutte-moeheid te ontstaan. Want ik zou toch verwachten dat een land besturen en bezuinigingen doorvoeren een serieuze bedoening is. Met ‘Doet u zelf eens normaal’ reageren, dat deed je misschien tijdens een ruzie op het schoolplein. Voor in de Tweede kamer is het nogal kinderachtig gedrag.

Opeens verlangde ik heel erg terug naar Jan Peter Balkenende. Ja, daar schrok ik zelf ook een beetje van, maar ik wilde gewoon weer zo’n oerdegelijke premier op wiens plichtsbesef je blindelings kunt vertrouwen. Met begrijpelijke oneliners voor de crisis zoals ‘eerst het zuur en dan het zoet’. Eentje die predikt over normen en waarden en zich oprecht zorgen maakt over de seksualisering van de samenleving. Nou ja, dat laatste vond ik allemaal een beetje een enge gereformeerde gedachtekronkel van Jan Peter. In ieder geval verlangde ik heel erg naar een premier die niet alles afdoet met een lach.

Omdat ik eigenlijk sinds zijn aftreden niets meer van Balkenende had vernomen, googelde ik snel om te kijken of Jan Peter wellicht nog werkzoekend was. De foto’s in de zoekresultaten vond ik alarmerend. Daarop was Balkenende opeens veel ouder geworden. Van zijn voorheen zo kreukloze imago was niets meer over. In zijn gezicht waren de rimpels zichtbaar. En zijn volle haardos bevat de nodige grijze lokken. Hij leek me een man die gehavend uit die laatste verkiezingen was gekomen.

Gelukkig was het Jan Peter gelukt om een andere baan te vinden. Hij werkt als hoogleraar aan een universiteit en is partner bij een internationaal adviesbureau. Ik durf te wedden dat zijn inkomen ruim boven de naar hemzelf vernoemde Balkenendenorm uitkomt. Op de een of andere manier gun ik hem dat van harte.

21/11/2010 Opstandig


Van demonstraties heb ik een romantisch beeld. Dat komt vast doordat ik in de jaren tachtig ben opgegroeid. Toen ging men doorlopend de straat op tegen kernenergie en kruisraketten. De beelden van die protesten op televisie hebben op mij als kind een grote indruk gemaakt. Ik was toen al tegen bont en zure regen. Al kwam dat natuurlijk door de opruiende liedteksten van Kinderen voor Kinderen daarover.

Sindsdien voel ik de behoefte om voor iets urgents de straat op te gaan. Heldhaftig ben ik niet aangelegd, maar met een grote groep mensen durf ik het best aan. Ergens vermoed ik zelfs dat ik talent heb voor demonstreren. In het bedenken van pakkende leuzen ben ik goed. Bovendien kan ik heel hard schreeuwen. Al wordt mijn stem daar snel schor van. Een ander minpunt is dat ik niet het breedgeschouderde voorkomen heb van een rasdemonstrant. Een halve ME’er loopt mij meteen omver.

Gisteren had ik de kans om mee te doen aan ’n massademonstratie. Toen werd er de manifestatie ‘Nederland schreeuwt om cultuur’ gehouden. Maar ik vond het niet de moeite waard om tegen die bezuinigingen te demonstreren. Vooraf had ik me namelijk op de site van het actiecomité verdiept in alle argumenten rondom de cultuurbezuinigingen. Daarvan werd ik flink opstandig. Alleen niet op de manier waarop de organistoren van de demonstratie het bedoeld hadden.

De organisatoren redeneerden dat de cultuurbezuiniging disproportioneel is. Maar op een totaal bezuinigingspakket van 18 miljard, vond ik een bezuiniging van 200 miljoen op cultuur best meevallen. Het klonk bijna bescheiden. Volgens het actiecomité wordt er 7% bezuinigd op alle overheidsuitgaven. De cultuursector krijgt straks 21% minder geld, dat vinden ze oneerlijk.

Nu ben ik niet sterk met getallen. Bij gegoochel met miljarden raak ik al helemaal snel de draad kwijt. Daarom pas ik altijd een truc toe om het allemaal in een voor mij begrijpelijk perspectief te zetten. Dan bekijk ik mijn eigen uitgavenpatroon. Zo vroeg ik me af welke uitgaven ik schrap als ik 7% moet besparen. Mijn eerste maatregel zou zijn dat ik uitjes schrap. Onder die post in mijn huishoudboekje vallen concertkaartjes, theaterbezoek en eten in restaurants. Per saldo kwam dat neer op een grotere bezuiniging dan 21% op mijn persoonlijke cultuurbudget.

Daarom zat ik gisteren heel demonstratief thuis op de bank. Cultuur kan leuk zijn maar is bepaald geen eerste levensbehoefte. Die demonstratie was dus geschreeuw om niks.

09/06/2010 Kapsel


Ik ben blij dat mijn oma dood is. Dat arme mens had straks na de verkiezingen niet meer over straat gekund. Op vijfenzeventigjarige leeftijd kun je het lichamelijke verval een beetje verhullen door een ruimvallende jurk en een leuk kapsel. Ondanks dat haar uiterlijke verschijning steeds minder jeugdig werd met het klimmen der levensjaren, deed zij haar best om goed verzorgd voor de dag te komen. Om de paar dagen was zij ‘s avonds met haarkrullers in de weer om haar kapsel in model te houden. Om een nachtje op die krulspelden wakker te liggen. Vooral regen of wind waren funest voor haar kapsel. Dus ging zij de deur niet uit zonder hoofddoek. En straks na de verkiezingen mag dat waarschijnlijk niet meer.

In alle peilingen wordt er een grote zetelwinst voor de Partij voor de Vrijheid voorspelt. Een van de hoofdpunten van hun programma is de ‘koppenvoddentax’ (je moet het Geert Wilders nageven dat hij pakkende leuzen bedenkt). Daarmee wil Geert graag verbieden dat er straks nog vrouwen met een hoofddoek of boerka zich op straat mogen begeven. Volgens zijn redenering zal dan de islamisering van Nederland stoppen en dat snap ik niet. Ik denk bij het zien van een boerka nooit ‘goh, ik moet me bekeren tot de islam’. In hartje zomer heb ik gedachten als ‘wat zal die mevrouw het enorm warm hebben’. Bij regen lijkt me de boerka best handig want dan hoef je geen poncho meer aan te trekken op de fiets. En als bij de Albert Heijn bij mij in de buurt meisjes achter de kassa zitten met hoofddoeken om in allerlei fleurige kleuren dan word ik daar vrolijk van. Misschien vindt Geert dat soort gedachten al een vorm van islamisering. In dat geval islamiseer ik in rap tempo.

Hoe zou het mijn oma dan vergaan als zij nog had geleefd met de PVV in het kabinet? Zou zij na al die jaren trouw bidden en Bijbelstudie prompt uit de gereformeerde gemeente worden gegooid vanwege haar hoofddoek? Het komt op mij vreemd over dat een politieke partij met het woord ‘vrijheid’ in zijn naam vooral het verbieden predikt. Misschien predikt Geert alleen voor zijn eigen parochie want hij heeft ter bescherming van zijn uitgegroeide coupe soleil geen hoofddoek nodig. Dat zouden de zwevende kiezers zich vandaag moeten afvragen: wil je de besturing van Nederland overlaten aan iemand die niet in staat is om zijn eigen kapsel te verzorgen?

RSS Feed | Contact | Privacystatement | © 2022 Paul Sinnema